«

»

Loop- of Flesseneenden

Het laatste Kwakertje rende in paniek de kas in. Achter dit eendje een Siamese kat. De tuinman sprong ertussen en de kat viel bijna de tuinman aan.
Vijf kwakertjes hadden we bij de Tuin van Kapitein Rommel. Kleine, tamme en luidruchtige eendjes. Kooikers gebruikten ze vroeger bij de vangst van wilde eenden. Een voor een zijn de kwakertjes verdwenen. Eind vorig jaar kregen we van een particulier nieuwe eenden aangeboden. Vijf Loopeenden of ook wel Flesseneend genoemd. De loopeend is een zeer oud ras van meer dan 2000 jaar oud uit Indonesië en is al afgebeeld op uit steen gehouwen afbeeldingen in tempels. Rond 1850 is de eend door zeelieden van de V.O.C meegenomen naar Europa.
De Loopeend loopt in een kaarsrechte houding met uitgestrekte hals. Zijn romp heeft de vorm van een fles. Loopeenden houden van scharrelen op zoek naar voedsel in het water en op het land. Ze waarderen de vijver om hun veren nat te maken.
Loopeenden kunnen niet vliegen. Als ze opgejaagd worden komen ze vaak niet hoger dan een meter van de grond. We letten daarom extra op dat honden aan de lijn worden gehouden.
Bij de tuin doen we een oproep aan de eigenaren van de 8 katten die rondlopen om hun beestjes voorzien van een belletje. Vooral in de winter is er minder voedsel en laten vogels zich makkelijker zien. Ze zijn dan een eenvoudige prooi voor katten.
De loopeenden worden dagelijks gevoerd met speciaal eendenvoer met veel zaden en granen. We vragen de bezoekers de eenden niet te voeren. Brood maakt eenden ziek, omdat het onvoldoende voedingsstoffen bezit die zij nodig hebben om zich warm te houden. Ze hebben dan wel een volle maag, maar te weinig voedingsbestanddelen en te veel zout. Iedere dag worden wij gevoerd met speciaal eendenvoer.

En vanmorgen bij het voeren van de eenden liepen er twee nijlganzen in de Tuin van Kapitein Rommel, bij het steigertje.